Het gebouw heeft een hoofdopzet met twee lange vleugels evenwijdig aan de straat en drie kortere verbindingsvleugels. Daardoor heeft het twee rechthoekige binnenplaatsen. Daar waar de vleugels op elkaar aansluiten zijn bijzondere accenten aangebracht in de vorm van een groter bouwvolume, soms met topgevels. Topgevels onderbreken ook de gootlijn aan de voorzijde. Het gedeelte waarin de fraaie entreepartij zich bevindt krijgt alle aandacht door de forse topgevel en een sierlijke, met lood beklede dakruiter. Een ander bijzonder onderdeel zijn de hoogleraarskabinetten aan de linkerzijde. Daar is onder meer een fraaie loggia met zuiltjes gemaakt. Linksachter staat los een tot het oorspronkelijke concept behorende dienstwoning. De vormentaal, met topgevels met een in- en uitzwenkende contour, is onmiskenbaar geïnspireerd door de Vlaams-Hollandse renaissance, zoals die in de 17de eeuw ook naar Oostzeelanden werd geëxporteerd. In een deel van het gebouw wordt in de toekomst het Techniek Museum Delft ondergebracht.