De trapgevel is uitgevoerd in renaissancestijl en heeft boven de begane grond een overkraging op twee bogen. Daarboven is de gevel vlak, met segmentboogvormige ontlastingsbogen boven de vensters. In het pand was de brouwerij De Metale Pot gevestigd, tot het in 1638 werd aangekocht door de in 1621 opgerichte West-Indische Compagnie, waarin Delft als onderdeel van de Rotterdamse Kamer van de Maze participeerde. In 1680 verkochten de bewindhebbers het pand om in het vervolg bij een van hen, of een werknemer, thuis te vergaderen. In het huis werd toen de plateelbakkerij van Lambertus Eenhoorn gehuisvest, die de oude huisnaam De Metale Pot weer gebruikte. Bij de restauratie in 1935, naar ontwerp van G. Gebben, werd het bovenste stukje trapgevel gereconstrueerd en kreeg het pand een pui in traditionalistische oud-Hollandse vormen. Destijds werden dergelijke winkelpuien vaak aangebracht bij restauraties van historische panden, maar ook in nieuwbouw werden ze toegepast.